Gemeenten zetten samen stap naar toekomstbestendig vervoerssysteem
De 8 gemeenten in de Regio Stedendriehoek hebben gisteren samen met gemeente Hattem de Uitvoeringsagenda publieke mobiliteit ondertekend. Daarmee spreken zij af zich samen in te zetten voor één samenhangend en toegankelijk systeem van vervoer. Het gaat om openbaar vervoer, Wmo-vervoer, vrijwilligersvervoer en deelvervoer.
De regio groeit de komende jaren sterk. Ook verandert de manier waarop mensen reizen. Daarnaast wonen er steeds meer ouderen in onze regio. Daarom is een vervoerssysteem nodig dat beter op elkaar aansluit. Het systeem moet ook klaar zijn voor de toekomst en ervoor zorgen dat de regio goed en duurzaam bereikbaar blijft.
Publiek vervoer stopt niet bij de grens van een gemeente of provincie. Inwoners reizen bijvoorbeeld van een dorp naar een stad, of van Gelderland naar Overijssel en weer terug. Daarom is het belangrijk dat gemeenten en provincies goed samenwerken. Zo blijft het vervoerssysteem logisch en makkelijk te gebruiken voor reizigers.
Publieke mobiliteit gaat ook over meer dan alleen reizen van A naar B. Goed vervoer helpt mensen om zelfstandig naar hun werk, zorgafspraken of sociale activiteiten te gaan. Dat is belangrijk voor hun kwaliteit van leven.
In de uitvoeringsagenda staan 4 belangrijke punten:
- het openbaar vervoer flexibeler maken
- het Wmo-vervoer anders organiseren
- vrijwilligersvervoer ondersteunen
- deelvervoer verder uitbreiden
Mobiliteit raakt direct aan hoe mensen meedoen in onze samenleving. Door mobiliteit en sociaal domein samen te brengen, zorgen we dat iedereen zelfstandig van a naar b kan. Vervoer is geen drempel, maar juist een verbinding.
De Regio Stedendriehoek helpt gemeenten en provincies om samen te werken. De ondertekening laat zien dat goede afspraken nodig zijn over grenzen van gemeenten en beleidsterreinen heen.
Het doel is dat voorzieningen voor inwoners dichtbij en goed bereikbaar blijven. Ook willen de gemeenten dat verschillende vormen van vervoer beter op elkaar aansluiten. Inwoners moeten ondersteuning kunnen krijgen als dat nodig is bij hun reis. De eerste stap is een verkenning naar wat er mogelijk is. Zo wil de regio werken aan vervoer dat voor iedereen goed werkt, nu en in de toekomst.